zaterdag 8 augustus 2015

Friuli Venezia Giulia

We zagen er een beetje tegenop, voor het eerst in het hoogseizoen op vakantie. In slakkentempo tuffend over de Deutsche autobahn achter massa's toeristen op weg naar het zuiden. Eenmaal op de plaats van bestemming ingeklemd zijn tussen landgenoten, die de hele vakantie enkel op en neer lopen naar het zwembad, de bar en de pizzeria op de camping en buiten de plaatselijke supermercato en gelateria weinig van de omgeving meekrijgen. De enige echte beweging zou tijdens de Italiaanse avond zijn, waar na een te ruime hoeveelheid cocktails, de voeten dan toch even van de vloer gaan op matige vertolkingen van Italiaanse klassiekers door een evenzo matige gelegenheidsband. Overdag dansen vege lichamen, rode ruggen en witte buiken, de Macarena bij het zwembad terwijl de animatiejuf het publiek opzweept: 'And a wone and a twoo and a twee'. Tot laat in de avond gelal op de camping, schreeuwende kinderen omdat er geen friet en frikandellen te verkrijgen zijn... Horror, nachtmerries had ik er van.


Toch vertrokken we half juli naar Italië. En wel naar de regio Friuli Venezia Giulia. Een streek in het uiterst Noord-Oosten van de laars waar we graag eens kennis mee wilde maken. Ingeklemd tussen de Adriatische zee, Oostenrijk, Slovenië en de Veneto vind je er alles wat je je als toerist kan wensen. Zon, zee, strand, cultuur, een goede keuken, prachtige natuur, idyllische dorpjes en een uitermate vriendelijke bevolking. Eigenlijk alles dus, maar dan met uitzondering van het massatoerisme. Een geschenk uit de hemel, toch? Friuli Venezia Giulia is duidelijk nog niet ontdekt door het grote publiek. En dat verbaast ons enigszins, hoewel wij het maar wat prettig vonden. Ik kan niet anders zeggen dan dat we ontzettend enthousiast zijn geworden over deze eigenzinnige regio. Het is er  adembenemend mooi en wat is er veel te zien en te beleven! En dat, ondanks het hoogseizoen, in alle rust.


Met terugwerkende kracht vernoemen we onze jongste dochter Giulia naar deze streek. Gelijkenissen zijn er: Friuli Venezia Giulia is mooi, avontuurlijk, klein en een tikkeltje eigenwijs. Zo spreken ze er  een eigen taal (Friulaans) en in de ristorante vind je gerechten op de kaart die je niet direct zou verwachten in Italië, eerder bij de oosterburen. Soms heb je zelfs even het gevoel niet in Italië te zijn, terwijl het volgende dorpje je weer aan Toscane of Umbrië doet denken. Hoewel we de Friulanen alle toerisme gunnen hopen we dat het massatoerisme ze bespaard blijft.

Wil je ook Friuli Venezia Giulia ondekken? De hoofdstad Trieste en het Castello Miramare ken je vast al wel, daarom hier 9 andere tips die je zeker niet mag missen tijdens je reis (in alfabetische volgorde)!

Acquileia
Wandel de route langs de Romeinse opgravingen die vrij te bezichtigen zijn, beklim de klokkentoren en bewonder de prachtige basiliek en de weelderige mozaïekvloeren uit de 4de eeuw. Heel erg bijzonder. Het archeologische deel van Aquileia staat dan ook niet voor niets sinds 1998 op de werelderfgoedlijst van Unesco. Voor een heerlijke caffè of cappuccino kun je het beste terecht bij Pasticceria Mosaico (Piazza Capitolo).
 

Castello di Duino
Op een rots boven de Adriatische zee, 20 kilometer van Trieste, vind je dit 14de eeuwse kasteel. Waan je even Hertog of Hertogin als je door de kasteeltuinen of de kamers van het kasteel wandelt. Het interieur is (deels) intact. Ook de bunker die in de tweede wereldoorlog door de Engelsen werd aangelegd is te bezoeken.

Achter het kasteel, tussen Duino en Sistiana, ligt een natuurgebied waar je een avontuurlijke wandeling kunt maken over de rotsachtige kliffen. Uiteindelijk passeer je een camping (Mare Pineta) waar je bij Rifugio Rilke terecht kunt voor een aperitivo, caffè of een simpele, maar goede, maaltijd met prachtig uitzicht over de baai van Sistiana (Doe Giulia en Elena de groeten van ons!).

Civadele del Friuli
Civadele del Friuli werd 53 jaar voor Christus gesticht door Julius Caeser onder de naam Forum Iulii, waar de naam Friuli vandaan komt. Het is heerlijk dwalen door de kronkelende middeleeuwse straatjes in het sfeervolle historische centrum. Daal midden in het dorpje af naar het riviertje de Natisone en geniet van de rust en het uitzicht op de Ponte del Diabolo en de tempel van de Longobarden.

Gorizia
Een bijzondere smeltkroes van Italiaanse, Germaanse en Sloveense invloeden wat goed te zien is aan de kerk Sant' Ignazio aan het Piazza della Vitoria. Het Kasteel van Gorizia torent trots boven de stad uit en is zeker een bezoekje waard.

Grotto Gigante
Op 10 km rijden vanaf Trieste vind je in Sgonico een indrukwekkende grot. In de duisternis daal je via een trap 100 meter af naar een immense ruimte van 168 lang en 76 meter breed... Tja, hij heeft niet voor niets de naam Gigante.

Palmanova
Deze vestingstad is gebouwd in de vorm van een ster en werd gesticht in 1593. Strijk neer op een terrasje aan het prachtige zes hoekige Piazza Grande met uitzicht op de Kathedraal of struin door de rechte straten naar de stadsmuur die deels te bewandelen is. Neem voor de lunch of diner plaats bij Osteria Campana d'Oro (Borgo Udine 27), om je vingers bij af te likken!

Prosciutto di San Daniele
Overal in Friuli Venezia Giulia kun je smullen van deze heerlijk ham uit het gelijknamige dorpje. Oprecht de culinaire trots van deze regio, want hij doet zeker niet onder voor de veel bekendere variant uit Parma.

Spilimbergo
Spilimbergo mag zich rekenen tot de mooiste dorpjes van Italië en is gebouwd rond het prachtig beschilderde 15de eeuwse kasteel. Bezoek ook de Duomo Santa Maria Maggiore, wat ons betreft de mooiste van Friuli Venezia Giulia. Ook weten ze hier wat lekker eten is in een fantastische sfeer. Onze tip: Trattoria Consul (Piazza Borgolucido 28)
 

Op een minuut of 10 rijden van Spilimbergo ligt overigens het graf van Pim Fortuyn (Provesano).

Udine
Onder de portici is het heerlijk winkelen en het Piazza della Libertà mag zich onder de mooiste pleinen van Italië scharen. Udine is na Trieste de grootste stad van Friuli Venezie Giulia en heeft het wat ons betreft helemaal! Wat een heerlijke stad!!


maandag 13 juli 2015

Trattoria Farci

Mangia bene, ridi spesso, ama molto.
Tilburg is een heel fijn stukje Italië rijker. Afgelopen mei opende namelijk Trattoria Farci haar deuren, een lang gekoesterde droom van Marcella Farci, dochter van een Nederlandse moeder en een Italiaanse vader. Naar eigen zeggen: "Geboren in Tilburg, gedoopt op Sardinië, ter communie in Tilburg en opgevoed met Italiaans temperament." En dat temperament is voelbaar aanwezig. Ze staat garant voor authenticiteit, versheid en kwaliteit met de geuren en smaken van Italië.
Bellissima!
Dat Farci gevestigd is tegenover het treinstation in de Tilburgse Fenix wijk de Reeshof onder een nu niet bepaald inspirerend appartementencomplex ben je eenmaal binnen snel vergeten. Farci is sfeervol ingericht, het ontvangst bijzonder vriendelijk en met de heerlijke geuren uit de keuken waan je je direct in Italië. En er is plek voor iedereen, voor jong en oud, voor tutti famiglia! De halve ruimte wordt verbouwd als alle tafels bezet zijn en de gasten binnen blijven stromen. Het terrasmeubilair wordt schoongemaakt en binnengezet, terwijl de aanwezigen zich duidelijk amuseren. Op de kaart vind je pizza al taglio, antipasti, pasta veloce en een goed glas wijnGedurende de dag kun je bij Farci ook terecht voor een Panini, Tramezzini of een heerlijke caffè.


Farci deed onze "Italiaanse" hartjes sneller kloppen. Een plek om vaker even weg te dromen onder het genot van een traditionele en eerlijke maaltijd in goed gezelschap. De malloreddus al ragù (een Sardijnse pasta met een saus van tomaat en rundergehakt) kunnen wij alvast van harte aanbevelen!

Ook nieuwsgierig? Meer info vind je op de website of Facebookpagina van Farci.

Buon divertimento!

zondag 7 juni 2015

Mottarone

"Uno, Due, Tre, Quatro, Cinque, Sei, Otto, Nove, Dieci." Met de handen in haar zij en haar heupen naar rechts gegooid staat Lara te glunderen naar de barista. Ik fluister haar zachtjes toe dat ze Sette is vergeten, maar het overweldigende geklap en gejuich van de barista is me voor. Een gezellige ietwat gezette vrouw. Grijze haren vallen sluik langs haar gezicht, met haar enthousiaste lach is ze geboren. Ik gok dat ze een jaar of vijftig is.

Een kleine, oudere man die een espresso aan de bar nuttigt aanschouwt het tafereel, knikt goedkeurend, neemt een klein slokje van zijn espresso, laat het restant in zijn kopje ronddraaien en drinkt het kopje leeg. Hij kijkt op naar de barista, bedankt haar en vraagt of Giancarlo recent nog is langs geweest (hij hoort maar niks van hem). Hij lacht naar de meiden en zegt dat dochters goed voor hun vader zorgen. Zelf heeft hij er ook twee vertelt hij trots. Hij stopt zijn portemonnee in zijn jas en loopt de bar uit.

De barista beantwoordt Lara met een "Ein, Zwei, Drei…." Lara draait zich om, trekt haar schouders op en kijkt me vragend aan. “Di dove sei? vraagt de vrouw aarzelend, ze hangt voorovergebogen over de bar… Het is even stil. “Ze vraagt waar je vandaan komt… Sono Olandese” fluister ik zacht. “Sono Olandese!” roept Lara. “Aaah, Olandese, e comme ti chiami?” Sono Lara, en dit is Italia en dat is Giulia. De vrouw komt overeind roept haar dochter erbij. Ze kijkt me aan vraagt nog een keer naar de namen en schrijft ze één voor één op in haar notitieblok. Belle bionde! We drinken onze cappuccini, betalen en verlaten het mondaine Stresa met haar chique boetiekjes en overweldigende hotels met uitzicht op de Borromeïsche eilanden in het Lago Maggiore.


We rijden de bergen in naar Mottarone. Cindy is blij dat we levend aan zijn gekomen. Gespannen zat ze in de auto tijdens de rit van twintig kilometer naar 1491 meter hoogte. De weg is niet altijd even goed, hobbelig asfalt, smal en bochtig, met een afgrond langs de linker of rechterzijde. Vanaf de Mottarone kun je bij goed weer zeven meren zien: Biandronno, Comabbio, Maggiore, Monate, Mergozzo, Orta, Varesa. Dit geluk hadden we vandaag niet, slechts een schim van het Lago Maggiore en het Isola Bella gehuld in mist. Het is een prachtig wandelgebied en in de winter kun je er skiën. Met een moderne skischool is het er ideaal voor een wintersport met kleine kinderen. Vind je het ook spannend om deze klim met de auto te maken? Vanaf Piazzale Lido in Stresa, waar ook de boot naar Isole Bella vertrekt, kun je ook met de kabelbaan naar Mottarone.

We parkeren de auto en Lara, Italia en ik wandelen naar de top. Via een stenen pad, dat langs een rodelbaan loopt, komen we weer beneden en vinden we tussen de bomen een oude villa. Het lijkt verlaten. Net als we om willen draaien komt de boswachter naar buiten, hij heeft zojuist zijn pranzo genuttigd en lijkt tevreden. We groeten hem en lopen  naar binnen in Villa Pizzini waar we verwelkomd worden door Paolo, gehuld in een zwart - soort van ijshockey- shirt. Er staat een grote 58 op zijn rug. We gaan zitten en Paolo legt rustig alle gerechten uit op de handgeschreven kaart, schenkt ons water en wijn in, neemt de bestellingen op en verdwijnt dan de keuken in. We zitten alleen in de huiskamerachtige eetzaal. Gele muren, oude foto’s en een ouderwetse bar kijken ons aan. In een handomdraai tovert Paolo penne rigate al tonno op tafel.

Penne rigate al tonno (voor 4 personen)
Een makkelijk en heerlijk recept. Snel klaar, dus ideaal na een drukke zomerse dag.
  • 350 gram penne rigate
  • 320 gram tonijn op olijfoliebasis (2 blikjes a 160 gram)
  • 2 tenen knoflook (fijn gesneden)
  • 1 rode peper (zaden verwijderd, fijn gesneden)
  • 1 ui (gesnipperd)
  • 400 gram pomodorini (gehalveerd)
  • bos peterselie (fijngehakt + extra om te garneren)
  • zout

Kook de penne al dente in een ruime pan met gezouten water. Giet ondertussen de olijfolie uit de blikjes tonijn af in een pan, verhit de olie en fruit hierin de knoflook, rode peper en ui. Voeg de pomodorini, de fijngehakte peterselie en zout naar smaak toe en verwarm nog tijdje door. Schep regelmatig om en voeg op het einde de tonijn toe. Giet de pasta af en roer alles zorgvuldig door elkaar. Serveer in diepe borden met een bosje peterselie als garnering.
Buon appetito!


zondag 31 mei 2015

Tagliatelle al ragù


Met dank aan de commercie is spaghetti bolognese één van de bekendste Italiaanse gerechten in de Nederlands keuken. Vreemd, want in Italië kennen ze dit helemaal niet en al zeker niet met spaghetti. De vleessaus, die zijn oorsprong vindt in Bologna, heet in Italië ragù en wordt gegeten met tagliatelle. Eind april bezochten wij Bologna (lees hier de blog) en aten een overheelijke traditionele ragù in de sfeervolle Osteria dell'Orsa aan de via Mentana. Kleine tafeltjes, dicht op elkaar, sobere aankleding, vriendelijke mensen en een voortreffelijke keuken tegen een aangename prijs. Dat is Osteria dell'Orsa, eten zoals eten bedoeld is!

Het vraagt wat geduld om zelf te bereiden, maar het zal je spaghetti bolognese doen vergeten.

Voor 4 personen
  • 500 gram tagliatelle 
  • 50 gram boter
  • 1 wortel (in kleine blokjes gesneden)
  • 1 middelgrote ui (gesnipperd)
  • 1 stengel bleekselderij (schoongemaakt en fijngesneden)
  • 500 gram (runder)gehakt
  • 250 gram pancetta in reepjes (of spekreepjes)
  • 200 ml rode wijn
  • 250 gram passata di pomodoro (gezeefde tomaten)
  • 250 ml vleesbouillon
  • 200 ml melk
  • versgemalen peper
  • zout
  • versgeraspte parmezaanse kaas
Smelt de boter in een pan met een dikke bodem, fruit hierin de wortel, ui en selderij een minuut of 5. Voeg het gehakt en de pancetta toe en bak het rul en gaar. Draai het vuur hoog en blus af met de rode wijn. Roer de gezeefde tomaten erdoorheen en voeg wat bouillon toe. Draai het vuur laag en laat het geheel zachtjes pruttelen. Als de saus te droog wordt voeg dan weer wat boullion toe. Na ongeveer 1.5 uur voeg je de melk toe en peper (en eventueel zout) naar smaak, Kook ondertussen de tagliatelle al dente in een pan met ruim gezouten water. Giet af, meng de tagliattelle met de ragù en serveer met wat parmezaanse kaas.
Buon appetito!

woensdag 6 mei 2015

Bologna

Het valt met drie kleine meiden niet altijd mee elkaar de gewenste aandacht te geven. Nu Lara bijna vijf wordt leek het mij dan ook een goed idee samen eens wat quality time te plannen en ergens voor een paar dagen naartoe te vliegen. In een vliegtuig had ze nog nooit gezeten en hoe ze het zou vinden om een aantal dagen van huis te zijn zonder mama en haar zusjes was tevens een verrassing.


Bologna!
Ik noemde één voor één de bestemmingen vanaf Eindhoven airport op. 
"Bologna!" Schreeuwde Lara uit. "Daar zijn wij toch nog nooit geweest?" Dat had ze goed onthouden. We reden er de voorbije jaren al een aantal keren langs, maar nog nooit brachten we een bezoek aan deze stad in de regio Emilia Romagna. Aangezien Bologna bekend staat als dé culinaire hoofdstad van Italië (één van haar bijnamen is la grassa, de vette), werd het dan ook écht tijd om kennis te gaan maken.


Wonen in Bologna
En zo vertrokken Lara en ik in april voor vier dagen naar Bologna. We vlogen met Transavia vanaf Eindhoven en vonden via Airbnb een mooie kamer in het hart van het oude centrum. Maison Ventidue, een bijzondere plek. Creatief en kunstzinnig. We voelden ons gelijk thuis en hadden met Mariarosa en Chiara twee fijne huisgenoten. Je hebt op deze manier helemaal het gevoel dat je echt in de stad woont, veel leuker dus dan een hotel of pension. De was hing bij de buren voor het raam te drogen, een buurvrouw voerde regelmatig een verhitte discussie en er galmde gelach over de galerijen van gezinnen aan tafel. Als we de zware houten deur openden van het oude gebouw liepen we zo de Via dell’Indipendenza op, om vervolgens onder de portici naar het Piazza Maggiore of de voormalige Joodse wijk (het getto) te wandelen. Bologna heeft zo'n 40 km aan portici (zuilengangen) die de stad een bijzonder karakter geven en die, naar gelang het weer, een paraplu of zonnebril overbodig maken.


Nog drie bijnamen
Maar ook de studenti geven Bologna karakter, maar liefst één op de vier inwoners is student. Aan het eind van de dag stromen de pleintjes vol met jongeren. Ze komen een - vaak zelf meegenomen- drankje nuttigen, wat kletsen of muziek maken. Het bruist hier enorm. Bologna is de oudste universiteitsstad van de wereld en dankt hieraan haar tweede bijnaam: La dotta (de geleerde). En dan zijn er naast la grasse en la dotta, nog twee bijnamen: La turrita (de getorende) en la rossa (de rode). La turrita vanwege de twee scheve torens nabij het Piazza Maggiore. Torre degli Asinelli is met bijna 100 meter de hoogste van de twee en staat ruim  een meter uit het lood. De kleinere toren, Torre dei Garisenda, is in de middeleeuwen deels afgebroken vanwege instortingsgevaar en staat ruim 3 meter uit het lood. Ter vergelijking: de toren van Pisa is met 2,5 meter minder scheef. Over de laatste bijnaam (la rossa) zijn de meningen verdeeld. Het zou óf door de rode kleur van de gevels en daken komen óf door de overwegende politieke voorkeur van de Bolognesi.


Op zoek naar Bologna
Ook hadden we een bijzondere ontmoeting in Bologna. We spraken af met Nina, Andrea en Luna van Op zoek naar Italië. Andrea is geboren in Bologna en werkt als fotograaf. Na een paar jaar in Amsterdam te hebben gewoond met freelance journaliste Nina zijn ze een jaar geleden samen met hun bijna drie jaar oude dochter terug naar Bologna verhuisd. De mooie (historische) verhalen van Nina en Andrea lieten ons met andere ogen naar de gebouwen en hun stad kijken. Terwijl Lara en Luna al zingend (soms zelfs gillend) door de sfeervolle straten liepen. Er is veel te ontdekken in Bologna, het is dan ook niet voor niets dat deze bestemming de laatste jaren sterk in populariteit is toegenomen.
Tijdens de lunch op het Mercato delle Erbe werd door Andrea uitgebreid aandacht besteed aan het bestellen van het eten. Vragen over de versheid van de mozzarella, de herkomst van de ingrediënten en de wijn. Oprechte passie en respect zoals je alleen bij Italianen ziet. Zelfs Nina mocht niet al even een pizza voor de bambini bestellen.
In juli maakt Op zoek naar Italië het mogelijk om al fotograferend van het Italiaanse leven te genieten, klik hier voor meer informatie en om je in te schrijven.



Onze 10 tips 
Wij waren na vier dagen nog altijd niet uitgekeken. Maar we hebben voor een mooie dag in Bologna 10 tips die je zeker niet mag missen.
  1. Begin je dag bij Zanarini aan het Piazza Galvani. Hier drink je de lekkerste cappuccino vergezeld met een overheerlijke brioche, uiteraard aan de bar tussen de Italianen die op weg naar hun werk zijn.
  2. Beklim via een kleine 500 treden de scheve toren (Torre degli Asinelli) en geniet van het uitzicht.
  3. Struin door de smalle straatjes van het Quadrilatero, de culinaire vierhoek. Marktkoopmannen prijzen hier hun groente, vis en vlees aan. Ook zelfgemaakte tortellini is hier overal verkrijgbaar. Het walhalla voor lekkerbekken!
  4. Rust uit op het Piazza Santo Stefano, het mooiste plein van Bologna.
  5. Bezoek het Mercato delle Erbe en nuttig hier je lunch.
  6. Neem een gelato aan het Piazza Cavour. Cremeria La Funivia maakt het lekkerste ijs van Bologna en omstreken met gebruik van natuurlijke ingrediënten.
  7. Neem een espresso bij Maurizio (hij zal hem zelf voor je bereiden). Op vrijdag geniet je er 's avonds van live muziek in de kleine, maar zeer sfeervolle cafeteria aan de via Guerrazzi.
  8. Geniet van de straatmuzikanten, overal is muziek in Bologna.
  9. Nuttig een aperitivo bij Le Scuderie aan het Piazza Guiseppe Verdi.
  10. Eet een traditionele tagliatelle al ragù bij Osteria dell'Orsa (Via Mentana).

In de Bologna Ciao tutti special vind je ontzettend veel leuke tips en verhalen over Bologna die je in de standaard reisgidsen niet zult vinden. Een aanrader dus mocht je binnenkort een bezoekje brengen.

Bijzonder
Het is bijzonder. Samen met je dochter op stap in een grote stad, 1200 kilometer van huis. Even alle aandacht voor elkaar, samen nieuwe dingen ontdekken, leuke mensen ontmoeten en vooral heel veel plezier hebben in een prachtige stad. Bologna is de ideale plek voor een stedentrip, ook met kleine kinderen. En vond Lara het eng of spannend om een paar dagen alleen met papa weg te zijn met het vliegtuig? Helemaal niet! "We kunnen toch aan Mariarosa vragen of we nog een dagje mogen blijven... ik vind het hier zo leuk!"
Er is een nieuwe traditie geboren in huize La Vita è Bella!